Britten bouwen Mems-sensor voor hiv
7 april 2009
Het London Centre for Nanotechnology, een joint venture van het University College and het Imperial College in de Britse hoofdstad, gaan de komende drie jaar een handheld Mems-sensor voor hiv ontwikkelen. Die moet snel een nauwkeurige waarde geven voor de concentratie virus in het bloed. Hiv-patienten moeten deze waarde constant monitoren en daarvoor is nu nog een doktersbezoek nodig.
De onderzoekers denken hun sensor zo gevoelig te kunnen maken dat deze uiteindelijk individuele virusdeeltjes kan opsporen. De Engineering and Physical Sciences Research Council, de Britse tegenhanger van de NWO, heeft een subsidie van twee miljoen pond beschikbaar gesteld voor het onderzoek.
Het apparaatje werkt met een combinatie van bestaande technologieën. Het bloedmonster wordt eerst gemengd met een oplossing van magnetische nanodeeltjes, die gecoat zijn met antilichamen voor verschillende viruseiwitten. De onderzoekers hebben nanodeeltjes voor verschillende doelen: afweercellen, virusdeeltjes en losse viruseiwitten. Deze verschillen zodanig in grootte, dat de deeltjes te sorteren zijn met een combinatie van een magnetisch gradiënt en een microscopische zeef.
Vervolgens worden ze langs een structuur geleid met buigzame plankjes van enkele honderden micrometers lang. Deze zijn weer gecoat met eiwitten waar de magnetische nanodeeltjes aan blijven plakken. Door een magneetveld van onderen buigen de plankjes door. Hoe ver ze doorbuigen, is afhankelijk van de hoeveelheid materiaal erop. Deze buiging wordt klassiek gedetecteerd door er een laser op te weerkaatsen, maar de onderzoekers willen een andere methode uitproberen met diffractie van een gewone CCD-sensor. Dat moet leiden tot goedkopere en minder complexe apparatuur.
Pieter Edelman
Terug naar overzicht